Muziektheorie… Waarom wel/niet?

Muziektheorie is een crux die veel gitaristen uiteindelijk in de tang neemt. Voor degenen die er geen ervaring in hebben lijkt het vaak een magische formule die de sleutel is naar ‘goede muziek’. Het lijkt een garantie dat je nooit foute noten speelt, of de meest vreemde klanken uit het instrument kan toveren en nooit zonder ideëen komt te zitten. Niets is minder waar en muziektheorie, vanwege zijn vele misconcepties en foutieve voorkomen van absolute waarheid, kan veel muzikaliteit compleet de kop indrukken.

Het leren van de gitaar is voor velen een problematisch proces, met lange, demotiverende plateau’s waarin we geen vooruitgang bemerken, afgewisseld door een plotselinge sprong en realisatie van verbetering en bewustzijn. Vaak steekt het de kop op als de gitarist een tijdlang speelt en al enige tijd geen grote sprong naar een hoger plateau heeft ervaren.

De vraag ‘er moet toch meer mogelijk zijn?’ begint te knagen en men gaat op zoek naar informatie buiten de bekende paden. Dit op zich is geen slecht teken. Het laat zien dat we nog steeds willen leren en gemotiveerd zijn door een drang naar vooruitgang en informatie. Hoe we deze informatie opnemen echter, is één van de belangrijkste onderdelen van hoe we deze uiteindelijk toepassen en of we dat überhaupt effectief zullen kunnen.

Het meest simpele antwoord is dat we allang in staat zijn om muziektheorie toe te passen, het gaat gewoon onbewust, in plaats van met voorbedachte rade. Op een enkele uitzondering na hebben we namelijk allemaal prima oren. Wie de stem van zijn vader, van die van zijn oom kan onderscheiden, heeft goede oren. Wie een voet voor de andere kan zetten zonder bij elke stap te struikelen, heeft een goed ritmegevoel.

Muziektheorie is, in zijn kern, niet meer dan een formule die verklaart wat er muzikaal gezien gebeurt. Het geeft een formulaire verklaring van iets wat we, gewoon door te luisteren, vaak allang hebben begrepen. Wat er aan de hand is, het gemis dat we ervaren bij onbegrip van beluisterde muziek, of onkunde in spelen. Dat er een gebrek aan ervaring is wat betreft dit begrip te vertalen naar het instrument.

Als het niet gespeeld kan worden, kan het niet instinctief gezien worden op het instrument. En dus word het niet begrepen. Dit gecombineerd met een bedrukkende angst voor het maken van fouten en een haast-cultuur waarin informatie met een enkele klik bereikbaar is, maakt dat men zoekt naar de snelste uitweg voor het vermijden van zulke fouten.

Muziektheorie is niet een zeker pad naar muzikale inspiratie, of een verplichte vorm van kennis waar je niet zonder kunt musiceren, of een aantal noten waar niet buiten gespeeld of gedacht mag worden. Muziektheorie heeft namelijk een begrip, definitie of verklaring voor alles wat er in muziek gebeurt. Want dat is wat muziektheorie doet.

Het verklaart, niets meer en niets minder. Hoe kunnen we dan toch muziek begrijpen zonder onze muzikaliteit te verliezen? Het is zeker mogelijk, maar het vereist meer eigen inzet. En hoewel het een langere weg lijkt om te belopen, is het vreemd genoeg veel makkelijker. Hierover meer, een volgende keer.